Zelfstandige helper: wie komt in aanmerking?

Zelfstandig helper: wie komt in aanmerking?

Geschreven door Andy Hens op 5 april 2018

Thema's: Ik wil starten als zelfstandige, Sociaal statuut, Personeelsbeleid



Het statuut zelfstandige helper is zeer populair, al bestaan er heel wat misverstanden over wie zich als zelfstandige helper kan en moet aansluiten. Wat houdt dit statuut precies in en waarop moet je letten?

 

Wie kan helper zijn?

Een helper is iemand die geen eigen zaak heeft, maar wel verzekeringsplichtig is in het zelfstandigen statuut. Meer bepaald, ben je een zelfstandig helper als je:

  • een zelfstandige helpt of vervangt;
  • niet verbonden bent door een arbeidsovereenkomst.

Hou er rekening mee dat een zelfstandig helper geen statuut op zich is. Je kan helper zijn in hoofdberoep, in bijberoep of onder artikel 37

Het gebeurt dat zelfstandige helpers worden aangesloten om aan de vestigingswetgeving te voldoen, want om als zelfstandige te kunnen starten, ben je verplicht de basiskennis bedrijfsbeheer aan te tonen*. Beschikt de zelfstandige zelf niet over de nodige ervaring of diploma’s, dan kan hij/zij een ‘aangestelde’ –en dit is in veel gevallen een zelfstandig helper– aanduiden om deze kennis aan te tonen.

*Vanaf 1 september 2018 zullen startende ondernemers uit het Vlaamse Gewest géén  bedrijfsbeheer meer moeten bewijzen. Momenteel blijft de situatie in de andere gewesten hetzelfde. 

 

Is er een familieband nodig?

In de praktijk is er vaak een familieband tussen de zelfstandige en de helper, maar dit hoeft niet noodzakelijk zo te zijn. Brengt de helper de basiskennis bedrijfsbeheer in, dan is een familiale relatie wel vereist.

Niet in een vennootschap

Net zoals bij een meewerkende echtgeno(o)t(e), kunnen zelfstandige helpers enkel bij een zelfstandige die een eenmanszaak heeft (natuurlijk persoon) en niet van een rechtspersoon. Je kan dus geen helper zijn in een vennootschap.

Sociaal statuut

Helpers zijn onderworpen aan het sociaal statuut van een zelfstandige, maar er zijn enkele uitzonderingen:

  • De helpers die vóór 1 januari van het jaar waarin ze 20 jaar worden, zijn niet verzekeringsplichtig. De helpers die huwen vóór deze datum zijn echter wel verzekeringsplichtig vanaf het kwartaal waarin het huwelijk plaatsvond.
  • De personen die slechts toevallig helpen. De hulp is toevallig wanneer hij wordt geleverd door een student voor wie kinderbijslag wordt uitbetaald, of, in het andere geval, wanneer hij onregelmatig (=niet op vaste tijdstippen) is en minder dan 90 dagen per jaar helpt. Stel dat je minder dan 90 dagen helpt, maar dit wel elke zaterdag doet. Dan wordt dit als regelmatig beschouwd en zal je dus moeten aansluiten als zelfstandig helper. 

 

Bijzonder statuut: helper meewerkende echtgeno(o)t(e)

In 2003 werd het statuut van de meewerkende echtgenoten ingevoerd. Net zoals helpers helpen zij mee in andermans zaak, met het verschil dat zij getrouwd zijn of wettelijk samenwonen met de zelfstandige in kwestie. Er werd toen ook beslist dat voor de echtgeno(o)t(e) of de wettelijk samenwonende partner van de zelfstandige die geen eigen sociaal statuut heeft, een weerlegbaar vermoeden van verzekeringsplicht als meewerkende echtgeno(o)t(e) geldt. Indien de echtgeno(o)t(e) of de wettelijk samenwonende partner van de zelfstandige wél een eigen statuut heeft, omdat hij/zij bijvoorbeeld minstens halftijds als werknemer werkt, dan is er geen verzekeringsplicht als meewerkende echtgeno(o)t(e).

Ook hier zijn er bepaalde categorieën van echtgenoten/wettelijk samenwonende partners die niet verzekeringsplichtig zijn en bijgevolg het vermoeden kunnen weerleggen:

  • De echtgeno(o)t(e) van een zelfstandig bedrijfsleider, zijn niet verzekeringsplichtig. Met bedrijfsleider wordt elke natuurlijke persoon bedoeld die optreedt in naam van een vennootschap of vereniging waarin hij/zij werkzaam is, zonder in ondergeschikt verband te staan tot die vennootschap of vereniging. Voorbeelden zijn zaakvoerders, bestuurders of zelfstandig werkend vennoten.
  • De echtgenoot/echtgenote met eigen rechten op uitkeringen (via een beroepsactiviteit of via een uitkering) die minstens gelijkwaardig zijn aan die van het sociaal statuut der zelfstandigen. Het statuut van de meewerkende echtgenoten is dus een soort van vangnet voor wie nog geen ander volwaardig sociaal statuut heeft. Het sociaal verzekeringsfonds zal hiervoor afgaan op de ereverklaring.
  • Wie de echtgenoot niet effectief helpt, weerlegt het wettelijk vermoeden door een verklaring op erewoord af te leggen. Opgelet: deze verklaring moet worden ingediend binnen de 90 dagen na de datum van aansluiting. Wordt de verklaring niet tijdig ingediend, dan kan de aansluiting niet meer met terugwerkende kracht geschrapt worden.
  • Indien de echtgenoot niet regelmatig en minder dan 90 dagen per jaar helpt en dus als ‘toevallig helper’ (zie hierboven) kan beschouwd worden, weerlegt eveneens het wettelijk vermoeden door een verklaring op erewoord.

Opgelet, valse verklaringen zijn onderhevig aan een administratieve boete van 500 EUR!

 

Schijnzelfstandig?

Of je nu een zelfstandig helper bent of je werkt als zelfstandige met helpers, let er steeds goed op dat je er geen twijfel bestaat over schijnzelfstandigheid. De financiële gevolgen van een schijnzelfstandige die als werknemer gekwalificeerd wordt, zijn namelijk niet min!

Aarzel niet om bij twijfel meer informatie te vragen over je specifieke situatie. Je kan hiervoor terecht bij de Studiedienst van Zenito.

 

Download hier je Startersgids

Andy Hens

Andy studeerde in 2013 af als Master in de Criminologische wetenschappen. Hij weet als geen ander waar zelfstandigen meer informatie over kunnen gebruiken. Na een paar jaar op de klantendienst zelfstandigen te helpen ging hij in mei 2016 aan de slag bij Zenito’s studiedienst om de meeste complexe dossiers te behandelen.